Beeldentaal

     
 
 
     
 
 
     
 

Zomer 2002, Kunststichting de Werkplaats Borne

Wat gaat er gebeuren:
Where are you from De catalogus ‘Weet de zon van de schaduw’ toont beelden en tekeningen die gaan over de door mij ervaren grenzen van mijn bestaan.  Om deze Where tall winds growgrenzen ‘in beeld’ te brengen maakte ik vormen die soms ‘niet van hier’ zijn (beelden als ‘Where are you from’ of ‘Fisher fished’) of constructies die de bedoeling hebben te communiceren met dat wat zich aan de andere kant van deze (mijn) grenzen bevindt (‘Whisper’, ‘Herzhoorn’of ‘Message from the edge’). Deze lijn van werken zette ik voort in de beelden die werden getoond bij de Kunststichting de Werkplaats Borne. Het beeld ‘Where tall winds grow’ (zie plaat links), werd op groot formaat uitgevoerd in de materialen hout en staal. Om een indruk te geven van de uitstraling van het beeld verwijs ik naar de foto’s van het beeld ‘Herzhoorn’ onder andere in het boekje ‘Beelden van Beelden’

Drijfveer:
Ik voel mij kind van deze tijd; terechtgekomen ergens midden in een boekwerk waarvan het verhaal, door de veelheid aan informatie, pas langzaam duidelijk wordt. Hiervan steeds iets meer te weten is prettig en helpt bevatten waar de dingen vandaan komen, waar ik vandaan kom. Tegelijkertijd is er tijdens mijn leven een steeds grotere stroom van nieuwe, overal vandaan komende informatie, ontwikkelingen en wetenswaardigheden opgang gekomen, waardoor ik ‘losgeslagen’ raak van de toekomst. Ik moet kiezen en kies voor het omarmen van het onbekende en maak concreet in beelden waar ik mijn eigen grenzen zoek en ervaar. Hierbij maak ik wel gebruik van de stroom aan informatie die zich aan mij presenteert, maar gebruik slechts flarden ervan, en dan vooral die delen die door hun ‘rariteitsgehalte’ de realiteit voor mij hanteerbaar maken.

Van Werkplaats voor beeldende Kunst toen naar Stichting de Werkplaats.
Tien jaar geleden vertrok ik uit Borne om mijn beeldhouw praktijk verder te ontwikkelen in Groningen. Het was het moment dat het project ‘Verschuivingen’ nog vers in het geheugenlaag; we hadden met vijf beeldhouwers een behoorlijk imposant project gedaan, waarbij we in een jaar tijd op vijf locaties bij ‘de Werkplaats’ per beeldhouwer voor iedere locatie een beeld maakten, elkaar in een soort stoelendans opvolgend. Het waren beelden van formaat en voor mij persoonlijk een goede gelegenheid om mijn vaak kleinere vrije werken uit te voeren op het formaat waar ik in opdrachten gewend was mee om te gaan. De afgelopen tien jaar heeft mijn werk zich op deze manier steeds verder door ontwikkeld. Naast werken in opdracht is het vrij ontwikkelen van beelden op groot formaat een manier van werken gebleken waarbij ik mijzelf goed kan blijven ontwikkelen en het werk blijkbaar ook aansprekend blijft voor opdrachtgevers. Voorbeelden van vrij ontwikkelde en daarna in opdracht geplaatste beelden zijn: ‘de Parelbloem ’(nog uit het verschuivingen project) geplaatst in Zutphen, Shell Pernis en Zwolle, ‘de Werkmanbrug’ Groningen of ‘Dryhouse’in Borger.

Naar Borne terugkeren en opnieuw bezig gaan met gegeven van deze locatie en welke werken ik hier en nu zou willen realiseren lijkt aan te voelen als een oude jas. Ik wist direct welke werken en waar. Het weiland ……wel ontdaan van al die hekjes voor ‘Where tall winds grow’. Het beeld gaat over voelen, tasten, proberen dingen op te vangen uit of te begrijpen van de aarde ……een weiland en bomenTekening Ark in de buurt omdat die als vorm en wezen die grens al doorkruisen. ’Op de bult’ (als term nog in mijn hoofd van de verschuivingen tijd) is de aangewezen plek voor het beeld ‘Ark’, nog het best te omschrijven als het zuster beeld van ‘Where tall winds grow’. De ‘Ark’ maakt een precies omgekeerde boogbeweging niet richting aarde maar naar de lucht. Het van ijzer opgebouwde en met hout beklede beeld lijkt op een brug met een dak en steunt volledig op ijzeren staanders uit plaat in vorm gesneden en per twee in een hoek op elkaar gelast (zie tekening). Het gaat bij dit ‘Ark’ beeld om dezelfde intentie; zoeken, tasten, proberen te doorgronden en te begrijpen. De titel ‘Ark’ slaat daarbij vooral op de bittere noodzaak die er, volgens mij, bestaat om als deze beelden te handelen om eventueel te overleven.

 
     
 
 
     
 

Ik houd van dingen langs de rand:

Van paadjes langs rotskusten en van de neus tegen het glas van mijn kom.

Ik stel mij het soort vragen als "Weet de zon van de schaduw" vanuit de positie van een toeschouwer die buiten het proces staat. Ik neem iets waar dat voor de ander binnen het proces niet zichtbaar is. Deze situaties of taferelen staan als een metafoor voor menselijk handelen en bewustzijn. Vanaf dat punt zijn dergelijke beschouwingen een aanzet tot de ontwikkeling van een volgend beeld.

Lange tijd heb ik naast het werken aan beelden van formaat in de openbare ruimte mijn ‘vrije’ beelden ontwikkeld met zogenaamde ‘objects trouvé’s (onder meer vondsten van het strand, voorwerpen van de ijzerwerf of opgescharreld in een kringloopwinkel). Bij het maken van beelden op deze manier werd het steeds gecompliceerder het juiste sluitstuk te vinden. Soms een esthetische kwestie, omdat het benodigde deel voor het completeren van de compositie niet de juiste maat had of zelfs nog niet gevonden was. Vanuit mijn, bij opdrachten opgedane, kennis van steen- en houtbewerking kwam ik steeds vaker tot het zelf maken van deze, niet voor handen zijnde onderdelen. Dit proces is steeds verder gegaan.

Op dit moment maak ik mijn ‘strandvondsten’ zelf. Met deze 'selfmade' vormen, gemaakt van diverse (vaak natuurlijke) materialen en geconstrueerd met verschillende technieken, zet ik mijn beelden op volgens de methode zoals bij de ‘objects trouvé’s’. Het is me op deze manier gelukt om de beeldtaal van mijn vrije werk dichter bij die van de beelden in de openbare ruimte te brengen en omgekeerd.

Dit inmiddels twintig jaar lange pad langs de ontwikkeling van mijn beeldtaal loopt als een karrenspoor parallel aan mijn telkens doorgaande pogingen mijn beelden het gefascineerde verbaasde commentaar te laten zijn van mij als toeschouwer van dit aards toneelstuk. Een beeld dat mij bijvoorbeeld aangezet heeft om te verbeelden betreft het gevangen raken van een school vis in een kokervormig ‘luchtbellengordijn’. Deze ‘bellenkoker’ is door een Just before the catchgroep walvissen gecreëerd door onder de school vissen cirkels te zwemmen en daarbij gelijktijdig lucht uit te blazen. Steeds hoger en hoger, cirkels zwemmend en bellen blazend houden zij het gordijn in stand tot vlak onder de waterspiegel waar zij de gevangen gehouden school vis in één keer kunnen opslokken. Het gaat mij, naast het dramatische van de dood en het leven dat hierin besloten ligt, om het beeld van dat ene moment dat de vissen langs de binnenzijde van het ‘bellengordijn’ zwemmen. Zij kunnen -lijkt het- niet anders, terwijl de beschouwer van buiten het tafereel ziet dat de grens die de vissen ervaren niet een echte grens is.

Dergelijke waarnemingen en gedachten zijn wezenlijk onderdeel bij het ontwikkelen van mijn beelden. Bijvoorbeeld bij het beeld "Just before the catch" gaat het in eerste aanzet over deze in cirkels zwemmende vissen. Al werkend en doorcombinerend ontstaan er nieuwe associaties, zoals bij dit werk het beeld van zaadcellen om een eicel cirkelend, vlak voor de bevruchting. Zo komen begin en eind van leven samen in één dynamisch moment.

 
     
 
 
     
  Er is iets ontploft,

ver weg, maar heel hard ontploft. Zo hard dat het nauwelijks voorstelbaar is. Ik probeer me voor te stellen, hoe groot het voor me in letters geschreven staat. "Gammaflitsers’; de meest energierijke verschijnselen in het heelal. Bij de explosie komt in één seconde evenveel energie vrij als de zon uitstraalt in 10 miljard jaar. Het maakt mij en alles wat ik om mij hen ken klein. Maar ook weer zo klein dat het niet meer uitmaakt. Wat overblijft is fascinatie. Zo’n krantenberichtje, waar komt het vandaan. Wie heeft dat waarschijnlijk minuscuul klein flitsje via enorme lenzen waargenomen, en wist van de grote afstand om zodoende de enormiteit ervan te berekenen. Ik kan er een beeld van maken.

Zoals vaker tegenwoordig gebruik ik ongebruikelijk ingangen om tot mijn beelden te komen. Het lijkt daarbij zo te zijn, dat de door de ander ingebrachte zienswijze mij in staat stelt mijn werk vanuit een andere hoek te benaderen.

Een ander voorbeeld is een t.v.-documentaire van een man, die door de Verenigde Staten toert op zoek naar mogelijkheden om de bliksem te fotograferen. Op een bepaald punt zegt hij: "If you want to catch the lightning you have to get out of the rain." Een prachtig statement en ik heb op dat moment al de titel voor een nog te ontwikkelen beeld.

Het voorstel om voor de galeriemanifestatie de beelden te laten hangen is voor mij ook een ander perspectief om van daaruit mijn werk te benaderen. Het toeval wilde, dat ik twee jaar geleden voor dezelfde beeldenpresentatie al de hangende ‘Werkmanbrug’ ontwikkeld heb. Toen echter kwam ik erop terecht, nu ga ik er vanuit. Waar ik op uitgekomen ben heeft de titel ‘Coconcept’ meegekregen. Thema’s waar ik bij het maken vanuit ben gegaan zijn zoals vaker in mijn werk: tijd, (nieuw) leven en ‘niet van hier’. Toch vind ik het belangrijker bij de toeschouwer vraagtekens op te roepen. Welk leven, welke vorm heeft zich hier ingepakt? En op welke wijze? En in welke vorm zal het zijn tijdelijke behuizing verlaten?

Ander beelden die ik recentelijk ontwikkelde gaan ook over de verwondering dat ‘dit’ allemaal is en tot hier heeft kunnen komen. Ik las dat er zonder magnetisme geen leven op aarde ontwikkeld zou zijn vanwege de dodelijke kosmische straling. ‘De zon komt op’, zo denkt de mens. We weten beter maar toch voelt het zo. Als je, omdat Groningen zo mooi plat is, ‘de zon op ziet komen’, dan doet ie dat alleen voor jou, daarover gaat het beeld 'Morning walk'. Het eind van de eeuw, ook zoiets dat alleen in een mensenhoofd leeft, heeft altijd geleid tot het denken over het einde der tijden en of het allemaal niet anders moet. Ik heb mijn eigen ‘ark’ gemaakt. Zonder deuren en zonder indicatie of het water nog moet stijgen of alweer gedaald is.

Zo denk ik………..

 
     
Homepagina Hans Rikken